Hoger beroep tegen vermogensrendementsheffing afgewezen

De vermogensrendementsheffing (‘spaartaks’) is niet strijdig met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Ook mist de heffing geen redelijke grond, zo heeft het gerechtshof in Arnhem bepaald in drie door de Bond voor Belastingbetalers aangespannen proefprocessen.

De rechters verklaarden op 31 oktober 2017 de hoger beroepen in die drie zaken ongegrond. De rechters gaven wel aan dat als spaarders lange tijd niet aan 4 procent rendement kunnen komen er een onredelijk zware last zou kunnen zijn. Dat was echter geen argument van de eisers en daar keek het Hof dan ook niet naar. Er volgen nog drie andere zaken bij de gerechtshoven van Amsterdam en Den Bosch.

Proefprocessen

In september 2016 is de Bond voor Belastingbetalers, “namens honderdduizenden belastingbetalers”, de rechtszaak gestart tegen de vermogensrendementsheffing. Tussen februari en maart van dit jaar werden zes zaken behandeld bij de rechtbanken Arnhem Haarlem, Breda en Groningen. In alle gevallen werd het beroep van de Bond voor Belastingbetalers ongegrond verklaard. De Bond liet eerder al weten vastbesloten te zijn om door te procederen tot aan de Hoge Raad. De belangenorganisatie laat zich in deze procedure bijstaan door Cor Overduin, partner bij Grant Thornton.

Teleurgesteld

De Bond is ‘teleurgesteld’ door de uitspraak, maar dat is geen reden om de zaak te staken. “We blijven het onrechtvaardig vinden dat hier een belasting bestaat die uiteindelijk leidt tot onteigening”, zei Jurgen de Vries van de Bond voor Belastingbetalers tegen RTL Nieuws.

Regeling veranderd

De Belastingdienst ging uit van 4 procent rendement, waarover 30 procent belasting moest worden betaald. De eisers vinden dat naar werkelijk behaald rendement moet worden gekeken omdat de rente al jaren lager is dan 4 procent. Dit jaar is de regeling overigens veranderd. Tot 100.000 euro is het fictieve rendement 2,87 procent, daarboven gelden hogere percentages. Over de eerste 25.000 euro vermogen hoeft geen belasting te worden betaald.

Bron: ANP