Bestrijding schijnzelfstandigheid in de zorg

Het kabinet wil bestrijding van de schijnzelfstandigheid in de zorg. Dat blijkt uit antwoord op vragen van een aantal Tweede Kamerleden over zzp’ers in de zorg en VAR-verklaringen.

In de zorg komen nog steeds zzp-constructies voor die niet aan de regelgeving voldoen, zie ook ZZP:er: zelfstandigheid of schijn?
Hierop wordt door de Belastingdienst gecontroleerd. Toetsing en handhaving geschieden op basis van de wet- en regelgeving, de jurisprudentie en de daaruit ontwikkelde beleidsregels.

De VAR geeft een oordeel vooraf over de wijze waarop en de voorwaarden waaronder de werkzaamheden naar verwachting zullen worden uitgevoerd. Achteraf bij de behandeling van de aangifte, wordt geconstateerd wat werkelijk heeft plaatsgevonden. Daaruit blijkt dat de bij de VAR-aanvraag gepresenteerde feiten regelmatig afwijken van de werkelijkheid.
LET OP De VAR geeft dus maar een beperkte zekerheid. Als de vlag de lading niet dekt, kan de VAR worden herzien en zullen de ten onrechte genoten faciliteiten in de inkomstenbelasting worden teruggedraaid.

Op de vraag hoe de toetsing van gezag plaatsvindt bij de verlening van zorg in natura, antwoorden de bewindslieden dat die toetsing geschiedt langs de lijn zoals geschetst in het besluit Beleidsregels beoordeling dienstbetrekking. In dit besluit geven de Belastingdienst en het UWV aan hoe zij omgaan met beoordelingen inzake het aanwezig zijn van een dienstbetrekking in het kader van de inhoudingsplicht voor de loonheffingen en de verzekeringsplicht voor de werknemersverzekeringen. De beoordeling van het gezagselement bij verlening van zorg in natura gebeurt op dezelfde manier en aan de hand van dezelfde criteria als bij andere arbeidsrelaties.