Belastingplan 2017 highlights

Staatssecretaris Wiebes heeft een aantal fiscale wetsvoorstellen gepresenteerd, welke nog door de Tweede en Eerste Kamer moeten worden aangenomen en waar nog wijzigingen in kunnen worden aangebracht. Het gaat steeds om wetswijzigingen per 1 januari 2017, tenzij anders vermeld.

Hieronder alvast enkele highlights.

  • De tarieven in de inkomstenbelasting zijn iets aangepast, waardoor bepaalde burgers er (licht) op vooruitgaan.
  • De eerste tariefschijf in de vennootschapsbelasting (tarief: 20%) wordt verlengd: vanaf 2018 loopt deze tot € 250.000 (is nu: € 200.000). In 2020 wordt deze schijf verlengd naar € 300.000 en in 2021 naar € 350.000.
  • Innovatiebox: als er sprake is van speur- en ontwikkelingswerk binnen het concern, leidt dit tot een verlaging van de voordelen waarop de innovatiebox mag worden toegepast (nexusbenadering). Is er al een vaststellingsovereenkomst gesloten met de Belastingdienst, dan kan soms een (gunstige) overgangsregeling gelden. Verder is voortaan altijd een S&O verklaring nodig om toegang te krijgen tot de innovatiebox.
  • De aftrek van overnamerente in de vennootschapsbelasting wordt in sommige gevallen verder beperkt.
  • Het ‘gebruikelijk loon’ voor DGA’s van innovatieve start-ups wordt ten minste gesteld op het wettelijk minimumloon.
  • Commissarissen vallen in beginsel niet meer onder de loonbelasting.
    Als een BV de status krijgt van vrijgestelde beleggingsinstelling (VBI) moet er voortaan worden afgerekend over de aanmerkelijk belang claim. “Box-hoppen” (van VBI naar box 3 binnen 18 maanden) wordt tegengegaan. Het percentage van het forfaitaire rendement uit de VBI (nu 4%) wordt automatisch gekoppeld aan het voor dat jaar geldende percentage van de hoogste schijf in box 3.
  • BTW teruggave wordt sneller en eenvoudiger: wanneer een debiteur niet binnen een jaar betaald heeft, mag de BTW over die vordering worden teruggevraagd. Dit kan voortaan via de aangifte (er is dus geen speciaal teruggaveverzoek meer nodig). De debiteur, die zelf niet betaalt, moet de eerder in aftrek gebrachte BTW voortaan ook binnen een jaar terugbetalen (dit was 2 jaar).
  • Er is eerder sprake van een bouwterrein in de BTW: voortaan is dit reeds het geval wanneer op het moment van levering het terrein daadwerkelijk bestemd was om te worden bebouwd.
  • Monumentenpanden: de huidige aftrekregeling komt te vervallen. In bepaalde gevallen komt er een beperkte –niet-fiscale- overgangsregeling in 2017 en 2018.
  • Aftrek scholingsuitgaven: vervalt vanaf 2018.
  • Pensioen eigen beheer: verdere opbouw van pensioenrechten is vanaf 2017 niet langer mogelijk. Wel wordt het mogelijk om de pensioenvoorziening fiscaal onbelast ‘af te stempelen’ naar de fiscale waarde. Vervolgens kan er eventueel afkoop plaats vinden (met een interessante korting in 2017-2019) of kan de regeling (voor nog niet ingegane pensioenen) worden omgezet in een oudedagsverplichting (ODV).

Reeds eerder aangekondigde wetswijzigingen met ingangsdatum 1 januari 2017:

  • Iedereen tussen 18 en 40 jaar (per schenker) eenmalig een schenking van maximaal € 100.000 ten behoeve van de eigen woning vrijgesteld ontvangen.
  • Box 3: tariefstructuur wijzigt. Er komt een 3-schijventarief, waarbij rekening wordt gehouden met de door alle belastingplichtigen feitelijk behaalde rendementen vanaf 2012.
  • Privégebruik auto: er zijn straks nog slechts 3 bijtellingstarieven: 4% (elektrische auto’s), 22% (standaardtarief) en 35% (auto’s van 15 jaar en ouder).

Bron: TEKZ Belastingadviseurs